Vereniging van Vrienden van het Museum Kurhaus en Koekkoek-Huis Kleef e.V.


Johanna Sebus. 200ste sterfdag, tentonstelling B.C. Koekkoek-Huis 11.1.-7.6.09

Op 13 januari 1809 verloor Johanna Sebus haar leven, toen zij tijdens een van de grootste overstromingsrampen in het land van Kleef probeerde haar eigen moeder en een vrouw met twee kinderen uit het water te redden. Haar onbaatzuchtige gedrag en haar heldenmoed werden zeer bewonderd en zijn tot op de dag van vandaag een symbool. Het B.C. Koekkoek-Huis organiseert ter gelegenheid van haar 200ste sterfdag een tentoonstelling die ca. 80 voorwerpen omvat: historische oorkonden en documenten maar ook afbeeldingen uit twee eeuwen. Rond 1800 werd de Nederrijn herhaaldelijk door grote overstromingen geteisterd. Het hoogwater van 1784 is een van de grootste natuurcatastrofes van de moderne tijd in Midden-Europa.

De overstroming van 1809 was als dus slechts een schakel in een reeks rampzalige gebeurtenissen.

Johanna Sebus werd in 1791 als een van zeven kinderen van Jacob en Helene (geb. van Bentum) Sebus geboren. De vader van Johanna, een dagloner, stierf enkele jaren na haar geboorte, haar moeder werkte als dienstmaagd om de kinderen te kunnen opvoeden. In de middag van 13 januari 1809 - rond 14.00 uur - nadat de sluis aan de Spoy en vervolgens de dam weggesleurd waren door het water, sprong Johanna in het water om haar moeder te redden. Tijdens de volgende poging ook de buurvrouw en haar kinderen te redden kwam ze om het leven. Haar lichaam werd drie maanden later in een sloot tussen Rindern en Düffelward (in de volksmond „Koij“ of  „Kode“) onder modder en zand gevonden en op het kerkhof van Rindern begraven. Toen de oude kerk van Rindern in 1872 afgebroken en een grotere neogotische kerk gebouwd werd, werd het graf van Johanna Sebus in de kerk geïncorporeerd. Een bodemplaat in de buurt van het altaar geeft de plek aan.

Al kort na haar dood vereeuwigde Johann Wolfgang von Goethe haar in de beroemd geworden ballade „Johanna Sebus“. In 1811 werd het gedicht door de met Goethe bevriende componist Carl Friedrich Zetler op muziek gezet en in Kleef opgevoerd. Eveneens in 1811 werd Johanna Sebus bovendien posthum geëerd met de Rozenorde van Keizer Napoleon, want Kleef stond in deze tijd onder Frans bestuur. In hetzelfde jaar werd er voor Johanna Sebus ook een gedenksteen opgesteld op de Altrhein-dijk in Kleef-Wardhausen. Ontworpen heeft hem niemand minder dan Dominique Vivant Denon, de inspecteur-generaal van de Franse musea. Sindsdien is de onbaatzuchtige daad van Johanna Sebus voor veel kunstenaars en auteurs een bron van inspiratie geweest.

De tentoonstelling wordt georganiseerd in samenwerking met de Kleefse Vereniging voor Cultuur en Geschiedenis / Vrienden van de Schwanenburg e.V.

De tentoonstelling wordt gesponsord door de Sparkasse Kleve – Premium-partner van het B.C. Koekkoek-Huis.

www.sparkasse-kleve.de

terug

Ernst Kreetz, Johanna Sebus, ca. 1958
Het monument van Johanna Sebus in Wardhausen, naar F.M. Völker
Johanna Sebus in de watersnood, geschilderd door Roland Risse, lithografie van T. v. Kaeseberg
Dieter von Levetzow, de bronzen medaille Johanna Sebus, 1984
-> Deze pagina afdrukken